Mijn verhaal‎ > ‎Leptine reset‎ > ‎

Dag 17

Geplaatst 17 jan. 2012 10:15 door Astrid Tanis   [ 14 mrt. 2012 12:45 bijgewerkt ]
Het is oorlog in mijn buik, legioenen goede bacteriën en gisten bestrijden indringers. Of is het toch een allergie voor de room die ik op de verjaardag van mijn zoon zondigde; of misschien is het leptine dieet niet goed voor mijn darmen. Vannacht vier keer uit bed gerend met diarree. Tussendoor sliep ik goed, maar toch ben ik bezorgd. Meestal als mijn darmen gek gaan doen, gaat mijn emotionele stabiliteit ook onderuit. Dit keer lijkt dit mee te vallen. Ik blijf lang in bed liggen; ik voel honger in mijn buik en brein, maar heb nergens trek in. Vroeger als mijn darmen van slag gingen nam ik een bananen dag. Meestal ging het dan met een dag of drie wat beter en kon ik lichte maaltijden verdragen. Tot ongeveer vier jaar geleden niets meer leek te helpen. Het specifieke koolhydraat dieet heeft toen wel rust gebracht. Mijn vriend stapt uit bed en gaat naar het toilet; hij meldt me dat hij ook diarree en gerommel in zijn buik heeft. "Gelukkig", denk ik, "dit is niet mijn conditie die verslechterd maar een buikgriepje". Ik voel dat ik iets moet eten maar kan niets verzinnen wat goed is voor mijn GAPSconditie, mijn leptineconditie en ook lichtverteerbaar is. Ik verzin een licht eiwitontbijt en lepel 5 kleine zachtgekookte eitjes weg. De koolhydraten laat ik deze ochtend weg. Ik zet een kip op voor wat bouilon later op de dag. kippenbouillon is goed tegen darmproblemen. Tegen vijven neem ik een bord bouillon met wat kip en groenten erin en yoghurt met blauwe bessen toe. Deze dag zit ik aan niet meer dan 12 koolhydraten; dat is laag. Om 22 uur voel ik een knagende honger; maar JK zegt dat je niet na 19 uur moet eten. Ik ben een kilo afgevallen maar ik weet dat dat nep is. Vocht en darminhoud, verder niets.

Low carb of laag koolhydraad dieten zijn populair en omstreden. We hebben koolhydraten nodig zegt de schijf van vijf. Er is zelfs veel ruimte voor ingeruimd. Er zijn groepen die dit ter discussie stellen. Eskimo's leven op bijna alleen vet en cholesterol en het gaat prima met ze; eigenlijk gaat het beter met hen dan met ons. Weston A. Price ontdekte dat de gezondste volken niet zuinig met vet omgaan. Vetarme dieten lijken tot nog toe juist het tegenovergestelde effect te hebben; mensen worden wereldwijd steeds dikker en hart- en vaatziekten zijn groeiende, tegelijkertijd worden makers van vetarme dieetproducten steeds rijker. Want naarmate het overgewicht toeneemt groeit de behoefte aan vermageringsproducten. Ik heb nog nooit een dikzak gezien die echt gelukkig was met zijn of haar gewicht. Mijn schoonzus is net 44 kilo afgevallen en ze is zeer blij met haar nieuwe figuur. Met het slinken van haar maten groeide haar zelfvertrouwen evenredig. Ik heb vaker in mijn leven tegelijk met haar gelijnd en altijd bleek zij beter in het verbranden van haar vetlagen. Bij haar vloog het met kilo's eraf en bij mij kroop het met onsjes naar beneden tot ik na een paar kilo op mijn welbekende plateau kwam. Ik denk dat zij ondanks haar overgewicht nooit geheel leptine resistent werd. Dat klopt ook als je de veronderstellingen leest; bij haar zat het vet evenredig verdeeld over haar lichaam; bij mij zit het grootste deel in het buikgebied. Zij was gewoon een volle vrouw; ik een waggelende eend met een eeuwig zwangere uitstraling. Buikvet is een teken van leptine resistentie net als de onmogelijkheid om af te vallen.

Ik kom uit een buikige familie, wij dragen het vet rond ons middel. Wij zullen wel een gen hebben met de mogelijkheid tot leptine resistentie. Beter kunnen we ver weg van koolhydraatrijke voeding blijven om dit gen niet te activeren. Mijn familie deed het tegenovergestelde. Het is letterlijk een stelletje koekenbakkers. Mijn bourgondische vader maakte de machines voor Côte d'Or, Jamin, Toblerone, Qualitystreet en Nuts. Hij was een genie en vond de perfecte machine uit om Marshmallow te maken. De waardering voor hem in snoepland was groot. Mijn drie broers proberen hem ieder op hun manier te evenaren in dit vak. Als kind waande ik mij in luilekkerland als ik met mijn vader meeging naar een beurs voor snoepwarenmachines. Nu ben ik een dissident van mijn familieverleden.
Er zijn twee vormen van verbranding in het lichaam. De makkelijkste is de koolhydraadverbranding; de moeilijkere de vetverbranding. Om overgewicht te voorkomen heb je vetverbranding nodig. In onze huidige tijd waar mensen de hele dag bij eten kunnen, dat bovendien uit snelle suikers bestaat komt de vetverbranding niet op gang. Als mijn vroegere ochtendboterham omgezet was in glucose en vervolgens met behulp van insuline opgeslagen werd als glucogeen en vet, vroeg mijn lichaam om een nieuw portie; het koekje bij de koffie. Was dit opgeslagen dan werd het middagmaal verorberd en daarna de middag snack, het avondeten en koffie met weer een koekje. Als laatste een borrel met nootjes of chips. De toevoer was permanent; de reservevoorraden hoefden nooit aangesproken te worden. Zo wordt je een koolhydraadverbrander en in het vetverbranden daar is het lichaam niet in getraind. Leptine is het meesterhormoon die alle andere hormonen regelt die met energie en verbranding te maken hebben. Leptine is het hormoon (ontdekt in 1994) dat een rol speelt in het terugkoppelingssysteem dat in de hersenen de inneming van voedsel, de voorraad van vetten en het verbruik van energie op elkaar afstemt. Leptine wordt door de vetcellen geproduceerd, de grootte van de productie staat in directe relatie tot de grootte van de vetmassa in het lichaam. Als de vetmassa toeneemt, wordt er ook meer leptine gemaakt. Leptine geeft uiteindelijk in de hersenen het signaal af dat de behoefte aan voedsel geringer kan worden en het energieverbruik moet toenemen. Bij leptine resistentie is de leptine hoog maar wordt het signaal niet opgevangen. Het is als praten tegen een muur; je kan steeds harder gaan schreeuwen maar het werkt niet. Gen onderzoekers denken dat het met een kapot gen te maken heeft. Dat kan; maar dit is niet waarschijnlijk. Er kan een genetische aanleg zijn, maar de epigenetica heeft aangetoond dat een genetische aanleg alleen maar manifest wordt door het gen te activeren. Er zit een aan en uit knop aan genen, en voeding speelt daarbij een grote rol.
Comments